Spoor A1

 
 
Spoor A1 : optimalisatie en evaluatie van de huidige Vlaamse fiscaliteit

Het Lambermont-bis akkoord heeft geresulteerd in een beduidende uitbreiding van de fiscale autonomie van de Gewesten. Ten gevolge deze (voorlopig) laatste staatshervorming heeft Vlaanderen nu de volledige normeringsbevoegdheid voor een grotere belastingportfolio. In totaliteit werd in 2005 3.667.400 euro aan gewestbelastingen geļnd, die voor meer dan 80 % gegenereerd werden door de successierechten, de registratierechten en de verkeersbelasting.

Opvallend is dat Vlaanderen deze heffingen niet enkel aanwendt als bron van overheidsontvangsten, maar er duidelijk voor gekozen heeft ze als een hefboom te gebruiken voor de realisatie van een aantal specifieke beleidsdoelstellingen. We verwijzen in dit kader naar de verlaging van de tarieven van de registratierechten en de invoering van het abattement en de meeneembaarheid, die gericht waren op het vergroten van de toegankelijkheid van de woningmarkt voor jonge gezinnen en 'onroerende starters'. We verwijzen ook naar de verlaging van de schenkingsrechten voor bouwgronden (decreet 20.12.2002) die onder meer gericht was op het sneller doorgeven van ongebruikte percelen bouwgrond tussen generaties.

Dit maakt de huidige organisatie en implementatie van de Vlaamse fiscaliteit tot een bijzonder interessant onderzoeksdomein. Enerzijds laten de Vlaamse beleidsinitiatieven toe na te gaan wat de effecten zijn van belastinghervormingen op de ontvangsten en op de bereidheid van de belastingplichtige om zijn belastingen te betalen (zgn. "tax compliance"). Anderzijds kan de Vlaamse case verdere evidentie aanbrengen aan de mate waarin de fiscaliteit geschikt is om ook in andere beleidsdomeinen (mobiliteit, milieu, wonen) structurele veranderingen op gang te brengen. Deze vraagstellingen vergen beleidsevaluatie-onderzoek, wat momenteel voor de Vlaamse fiscaliteit nog maar sporadisch uitgevoerd wordt. Uit de oproep m.b.t. de steunpunten blijkt dat de Vlaamse overheid sterk geļnteresseerd is in dergelijk onderzoek (cfr. Paragraaf 2.4, p. 16 van de oproep).

Naast dergelijke effectmetingen is er nood aan onderzoek dat kan leiden tot optimalisatie van de huidige organisatie en procedures betreffende de Vlaamse heffingen. In de oproep wordt bijvoorbeeld verwezen naar de wenselijkheid om de begroting van de voornaamste gewestbelastingen op een wetenschappelijke manier te onderbouwen (cfr. Paragraaf 2.1., p.13 van de oproep).

 
Globaal overzicht van de invulling van het spoortraject
 

Binnen het spoor A1 zullen 2 projecten ontwikkeld worden; het eerste onderzoek gaat van start in 2010 en zal eind 2011 leiden tot voorspellingen van de successierechten en de schenkingsrechten. Voorafgaand zal een tweede project uitgevoerd worden in 2007 en 2008. Het betreft hier een evaluatie van de effecten van de hervorming van de schenkingsrechten op de ontvangsten en het gedrag van schenkers en erflaters. Het onderzoek voor de schenkingsrechten wordt uitgewerkt in nauw overleg met F. Heylen (UGent), omwille van de complementariteit met het onderzoek in spoor A3.

Tabel 10: Overzicht invulling spoor A1

titel deelproject

2007

2008

2009

2010

2011

instelling

partner

SPOOR A1: OPTIMALISATIE EN EVALUATIE VAN DE HUIDIGE VLAAMSE FISCALITEIT

optimalisatie van de voorspellingsmethodes voor de  opbrengsten van Vlaamse belastingen

 

 

 

X

X

HOGENT

SMOLDERS/   VAN OOTEGEM

de impact van de hervorming van de schenkingsrechten op de overheidsontvangsten, op de relevante economische actoren en de daaruit voortkomende economische effecten

X

X

 

 

 

HOGENT

SMOLDERS/  VAN OOTEGEM


Traject spoor A1

Lopende onderzoeksprojecten

Naar Boven